Energietransitie
5 min lezen

Waarom een slecht ingeregelde klimaatinstallatie meer kost dan u denkt

Veel organisaties investeren in verduurzaming en energiezuinige installaties, maar een slecht ingeregelde klimaatinstallatie blijft vaak een verborgen oorzaak van onnodig energieverbruik. Dit leidt tot hogere kosten, comfortklachten, storingen en extra slijtage, terwijl optimalisatie juist een snelle kans biedt om de exploitatiekosten te verlagen.

Wim Birkhoff

Dit artikel legt uit

check Wat een slecht ingeregelde klimaatinstallatie precies is
check Welke kosten hierdoor ontstaan
check Waarom onderhoud alleen niet voldoende is
check Hoe energieverlies ongemerkt ontstaat
check Welke signalen wijzen op een slecht presterende installatie
check Hoe gebouwdata kan helpen om verborgen kosten zichtbaar te maken

Een installatie kan werken en toch niet goed functioneren

Veel vastgoedbeheerders herkennen het beeld: de klimaatinstallatie draait zonder grote storingen, maar er zijn regelmatig klachten over warmte, kou, tocht of ventilatie.

Volgens technisch specialist Wim Birkhoff is dat vaak een teken dat de installatie niet optimaal functioneert. Installaties draaien regelmatig op verouderde instellingen die niet meer aansluiten op het actuele gebruik van het gebouw, bijvoorbeeld na gewijzigde openingstijden, een verbouwing of een andere bezettingsgraad. Daardoor wordt vaak meer energie verbruikt terwijl het comfort juist afneemt.

De vijf kostenposten van een slecht ingeregelde klimaatinstallatie

Wanneer wordt gesproken over slechte inregeling, denken veel organisaties direct aan een hogere energierekening. Die kosten zijn inderdaad zichtbaar, maar vormen vaak slechts een deel van het totale probleem.

In de praktijk ontstaan de kosten op vijf verschillende niveaus.
 

1. Onnodig energieverbruik

Dit is de meest directe kostenpost.

Een klimaatinstallatie die langer draait dan nodig, verkeerde temperaturen hanteert of gelijktijdig verwarmt en koelt, gebruikt structureel meer energie.

Uit praktijkervaring blijkt dat 5 tot 25 procent van het energieverbruik van klimaatinstallaties verloren kan gaan door onjuiste instellingen of een gebrek aan optimalisatie. Bij een gebouw met jaarlijkse klimaatgerelateerde energiekosten van €80.000 betekent dat een extra kostenpost tussen de €4.000 en €20.000 per jaar. Voor organisaties met meerdere locaties lopen deze bedragen snel op.

2. Comfortklachten

Een tweede kostenpost ontstaat door gebruikerservaring.

Ruimtes die te warm, te koud, benauwd of tochtig zijn zorgen voor terugkerende meldingen bij facility management. Niet alleen kost de afhandeling hiervan tijd, ook ontstaat ontevredenheid bij medewerkers, bezoekers en huurders.

Robèrt Nagel ziet regelmatig dat comfortklachten worden behandeld als losse incidenten, terwijl de oorzaak vaak in de regeling van de installatie ligt. Zolang die oorzaak niet wordt aangepakt, blijven dezelfde klachten terugkomen.

3. Extra storingen en servicebezoeken

Een slecht ingeregelde installatie wordt vaak zwaarder belast dan nodig.

Ventilatoren draaien continu op hoog vermogen. Pompen leveren meer capaciteit dan noodzakelijk. Compressoren schakelen voortdurend in en uit.

Dat leidt niet alleen tot extra energieverbruik, maar ook tot meer slijtage en een grotere kans op storingen. Hierdoor nemen onderhoudskosten toe en zijn extra servicebezoeken nodig.

 

4. Versnelde slijtage van componenten

Wanneer installaties continu buiten hun optimale werkgebied functioneren, verkort dat de levensduur van belangrijke onderdelen.

Denk aan:

  • ventilatoren;
  • pompen;
  • regelkleppen;
  • compressoren;
  • sensoren;
  • frequentieregelaars.

Deze kosten worden vaak pas zichtbaar wanneer vervanging eerder nodig blijkt dan gepland.

 

5. Productiviteitsverlies

De grootste kostenpost is vaak het minst zichtbaar.

Een slecht binnenklimaat beïnvloedt concentratie, welzijn en prestaties van gebouwgebruikers. Zeker in kantoren, onderwijsinstellingen en zorgomgevingen kan dit een aanzienlijke impact hebben.

In de bron wordt een voorbeeld genoemd waarbij vijftig medewerkers met gemiddelde loonkosten van €60.000 per persoon slechts één procent minder productief zijn. Dat vertegenwoordigt al een verborgen kostenpost van ongeveer €30.000 per jaar.

Daarmee overstijgen de indirecte kosten vaak de daadwerkelijke energiebesparing.

 

Hoe ontstaat slechte inregeling?

Volgens Erik Sluijs ontstaat slechte inregeling meestal niet door één grote fout. Het is vaak het resultaat van kleine afwijkingen die zich gedurende meerdere jaren opstapelen.

Verouderde klokprogramma's

Een veelvoorkomend probleem zijn klokinstellingen die niet meer aansluiten op de praktijk.

Installaties draaien bijvoorbeeld nog volgens openingstijden van jaren geleden, terwijl het gebouw inmiddels anders wordt gebruikt. Daardoor blijft apparatuur actief tijdens avonden, weekenden of vakanties.

Gelijktijdig verwarmen en koelen

Dit is een klassieke energieverspiller.

Een luchtbehandelingskast levert gekoelde lucht, terwijl lokale regelingen dezelfde ruimte weer verwarmen. De gebruiker merkt daar vaak weinig van, maar de energiemeter wel.

Verkeerde setpoints

Een temperatuurinstelling die enkele graden afwijkt lijkt misschien onschuldig.

Toch kunnen verkeerde setpoints, stooklijnen of koelinstellingen gedurende het hele jaar zorgen voor een aanzienlijk hoger energieverbruik.

Waterzijdige onbalans

Wanneer waterstromen niet goed zijn ingeregeld ontvangen sommige ruimtes te veel vermogen en andere juist te weinig.

De installatie probeert dit vervolgens te compenseren door harder te werken, waardoor energieverlies ontstaat.

Luchtzijdige onbalans

Ook ventilatie veroorzaakt regelmatig problemen.

Te veel ventilatie leidt tot hogere energiekosten. Te weinig ventilatie resulteert juist in CO₂-klachten en een minder gezond binnenklimaat.

Sensoren die verkeerde waarden doorgeven

Een klimaatinstallatie is afhankelijk van data.

Wanneer temperatuur-, druk- of CO₂-sensoren afwijkende waarden registreren, neemt de regeling beslissingen op basis van verkeerde informatie. Dat heeft direct invloed op prestaties en energieverbruik.

Wanneer is een optimalisatiescan verstandig?

In de praktijk zijn er verschillende signalen die wijzen op een installatie die mogelijk niet optimaal functioneert

Denk aan:

  • stijgende energiekosten zonder duidelijke oorzaak;
  • veel temperatuurklachten;
  • benauwde ruimtes;
  • terugkerende storingen;
  • grote temperatuurverschillen tussen zones;
  • installaties die buiten openingstijden draaien;
  • klachten na een verbouwing;
  • onvoldoende inzicht in GBS-data.

Wanneer meerdere van deze signalen aanwezig zijn, is een technische analyse vaak een logische vervolgstap.

 

Praktische checklist voor vastgoedbeheerders en facilitair managers

Wilt u snel beoordelen of uw klimaatinstallatie mogelijk niet optimaal presteert? Stel uzelf dan de volgende vragen:

  1. Sluiten de kloktijden aan op het actuele gebruik van het gebouw?
  2. Zijn er zones die tegelijkertijd verwarmen en koelen?
  3. Zijn comfortklachten structureel aanwezig?
  4. Zijn CO₂-waarden inzichtelijk?
  5. Zijn sensoren recent gecontroleerd?
  6. Kloppen lucht- en waterdebieten nog?
  7. Is het gebouwgebruik veranderd sinds de installatie werd ontworpen?
  8. Worden GBS-meldingen actief opgevolgd?
  9. Zijn energiepieken verklaarbaar?
  10. Is de installatie na verbouwingen opnieuw beoordeeld?

Wanneer meerdere antwoorden onbekend zijn, ligt daar vaak direct een verbeterkans.

Conclusie

Een slecht ingeregelde klimaatinstallatie kost meer dan extra energie. De gevolgen zijn zichtbaar in hogere exploitatiekosten, merkbaar in comfortklachten en vaak verborgen in productiviteitsverlies, storingen en versnelde slijtage.

Juist daarom is optimalisatie een interessante innovatie voor vastgoedbeheerders en facilitair managers. Niet omdat nieuwe techniek altijd noodzakelijk is, maar omdat bestaande installaties vaak beter kunnen presteren dan ze vandaag doen.

Door periodiek te meten, analyseren en bij te sturen ontstaat grip op energieverbruik, comfort en gebouwprestaties. Dat levert niet alleen lagere kosten op, maar draagt ook bij aan een gezonder, duurzamer en toekomstbestendig gebouw.

Veelgestelde vragen (FAQ)


Dat hangt af van het gebouwgebruik en de installatietechniek. Extra controle is verstandig na verbouwingen, functiewijzigingen, klachten of opvallende stijgingen in energieverbruik.

Ja. Onderhoud zorgt ervoor dat componenten functioneren. Inregeling bepaalt of de installatie nog aansluit op het actuele gebruik van het gebouw.

Nee. Een GBS levert inzicht, maar alleen actieve analyse en optimalisatie zorgen voor besparingen.

Begin met kloktijden, setpoints, storingsmeldingen, comfortklachten en energieprofielen. Daarmee worden veel afwijkingen zichtbaar.

Wilt u weten of uw klimaatinstallatie nog optimaal functioneert?

Een technische analyse van instellingen, gebouwdata en installatiegedrag maakt verborgen energiekosten vaak snel zichtbaar. Neem contact op met een van de experts van BLR-Bimon voor een onafhankelijk adviesgesprek over de prestaties van uw klimaatinstallatie.

Meer vragen? Onze experts staan voor u klaar.

Stel ons gerust een vraag via mail of telefoon. Ons team zorgt ervoor dat het bij de juiste expert terecht komt.